|
In opdracht van het Agentschap Kunsten en Erfgoed vanhet Ministerie van Cultuur van de Vlaamse Gemeenschap werkt het CAG tegen einde augustus 2012 aan een proeflijst agrarisch erfgoed in het kader van het Topstukkendecreet. Om in aanmerking te komen voor erkenning als topstuk moeten objecten of collecties voldoen aan twee criteria. Ze moeten zeldzaam zijn en ze moeten tegelijk onmisbaar zijn. Aan de erkenning zijn rechten en plichten voor eigenaar en overheid verbonden.
Om de opdracht tot een voldragen resultaat te laten uitmonden, werd bij CAG ervoor geopteerd om te focussen op de agrarische werktuigen en machines uit de periode van 1750 tot 1970. Deze afbakening van een weliswaar omvangrijk deelaspect van het agrarisch erfgoed moet toelaten om binnen de aangegeven tijdsspanne de materie ten gronde aan te pakken. Bovendien kunnen in een eventuele volgende fase de andere soorten erfgoed dan nog aan bod komen.
Alleen die werktuigen, machines en objecten komen aan bod die een expliciete agrarische functie hebben. Zij dienen dus met het oog op het uitoefenen van de agrarische arbeid op het veld en in de stal of staan ten dienste van de agrarische activiteit op de boerderij. Voor CAG is de afbakening tot werktuigen en machines ook ingegeven door het besef dat de nood aan onderzoek hierrond een blijvend aandachtspunt is. Er zijn in de meest diverse collecties soms prachtige stukken bewaard, maar de achtergrondkennis is vaak bedroevend laag, de bewaaromstandigheden ondermaats. Dit project kan een trigger vormen om zaken in gang te zetten, om het netwerk hierrond verder uit te bouwen, om het bewustzijn rond agrarisch erfgoed ook in de professionele landbouwsector te versterken en te verbreden.
Het CAG ziet deze opdracht als een blijk van waardering van het agrarisch erfgoed. De proeflijst moet resulteren in een inventaris van objecten en collecties die in aanmerking kunnen komen voor erkenning als topstuk. Daarvoor zal intensief worden overlegd met de eigenaars zowel privé als openbaar en met een stuurgroep die als vertegenwoordigers van de sector kunnen optreden.
Coördinator van het project is Bert Woestenborghs.
|