Yves Segers, Hans Verhoosel, Wim Lefebvre. Lekker Dier!? Vlees in de stad: Het bevoorradingssysteem in Leuven (19de - 20ste eeuw). CAG. Leuven, 2003, 20 p.
Een Brits onderzoek brengt in 1910 aan het licht dat Leuvense arbeiders jaarlijks ongeveer 33 kg vlees eten. Het gaat vooral om varken, spek en charcuterie (56%). Populair in Leuven zijn (nog meer dan in Brussel) bereide vleeswaren op basis van varken, zoals boudin blanc, boudin noir, leverpastei en kip-kap. Verder kopen zij ook nog rund- en paardenvlees, schaap en konijn.
In de stad wordt veel vlees gegeten; tijdens de 19de eeuw zelfs meer dan op het platteland. Dat is een merkwaardige vaststelling. In de stad wordt nauwelijks vee gekweekt, wat nog afneemt naarmate de stedelijke bevolking groeit en de beschikbare ruimte kleiner wordt. Vlees in de stad is dus geen evidentie...
Een netwerk van personen en instellingen (een soort "vleesketen") zorgt ervoor dat vee en vlees wordt aangevoerd en terechtkomt bij de consument. Het gaat om veehouders, handelaars, slachters, vleeskeurders, slagers en beenhouwers. In deze publicatie tonen we de werking en de evolutie van dat "vleessysteem" in Leuven, met als blikvanger en centraal punt het stedelijk slachthuis.
Kostprijs: 3
Euro + verzendingskosten
Hoe bestellen:
Deze publicatie is uitverkocht.
|