|
Historica Margit Szöllösi-Janze noemde in 2002 de geschiedenis van de agronomie "een van de laatste grote schemerzones van de wetenschapsgeschiedenis". Met dit proefschrift willen we een licht laten schijnen op dit nog grotendeels onontgonnen terrein van de Belgische historiografie. Want ondanks onze ruime kennis over de institutionele of sociaal-economische aspecten van de agrarische geschiedenis, is er inderdaad weinig bekend over de ontwikkeling van de agronomie en het hoger landbouwonderwijs. Vooral het "kennisoffensief" dat nationale overheden en landbouworganisaties op gang brachten, verdient nader onderzoek. In dit doctoraat stellen we dan ook de vraag naar de Belgische bijdrage aan dit internationale systeem.
In een eerste poging om deze complexe dynamiek te doorgronden, brengen we op basis van origineel bronnenonderzoek de wereld van de proefstations en onderzoekscentra in kaart. Daarnaast willen we ook de beleidsmatige impact van deze centra registreren. Veel aandacht gaat hierbij naar de rol van openbare diensten als het Instituut voor Aanmoediging van Wetenschappelijk Onderzoek in Nijverheid en Landbouw (1944-2002) of de proefstations in Gent, Heverlee en Gembloux. Ook de recent ontsloten archieven van het Nationaal Instituut voor de Landbouwkunde in Belgisch Kongo (NILCO-INEAC) zullen we doorvorsen. We pakken dit aan door ideeënstudie en mentaliteitsgeschiedenis te koppelen aan beleidsanalyse en netwerkonderzoek.
De ideeënstudie slaat daarbij vooral op de gedachtescholen en geledingen binnen de landbouwwetenschappen. Op een breder maatschappelijke niveau hanteren we een cultuurhistorische en mentaliteitsgeschiedkundige benadering, waarbij de "maakbaarheidsidee" in het landbouwkundige onderzoek op de voorgrond treedt. Het beleidsmatige gedeelte van de studie is opgebouwd uit een institutioneel, financieel en politiek-strategisch onderdeel. Nauw aansluitend wordt ook een netwerkonderzoek verricht. De term "netwerk" is hier in een ruime betekenis opgevat. De studie krijgt een prosopografisch luik mee en we gaan ook na hoe landbouwkundige kennis werd opgebouwd en verspreid. Op die manier plaatst de thesis interne evoluties op de Belgische scène in het licht van internationale ontwikkelingen.
Dit project wordt gecoördineerd door Jan Roobrouck.
|